De provincie Zuid-Holland heeft de resultaten van de pilotonderzoeken naar PFAS in de bodem bekendgemaakt. Deze onderzoeken zijn uitgevoerd om beter inzicht te krijgen in mogelijke PFAS-verontreinigingen en de risico’s voor de gezondheid. Uit de pilotonderzoeken blijkt dat PFAS op vrijwel alle onderzochte locaties alleen in lage concentraties voorkomen en geen risico vormen voor de volksgezondheid.
Aanleiding
In 2024 liet de provincie een inventarisatie* uitvoeren naar potentiële PFAS-bronnen. Daaruit bleek dat in Zuid-Holland ongeveer 1.617 locaties zijn waar PFAS mogelijk in de bodem terecht is gekomen, zoals bedrijfslocaties, brandweerkazernes en voormalige stortplaatsen. Op 90 locaties werd een verhoogde kans op bodemverontreiniging ingeschat. Om dit verder te onderzoeken, zijn op 24 van deze locaties pilotonderzoeken uitgevoerd. Er is vooral gemeten halverwege tussen een mogelijke bron en kwetsbare functies zoals woonwijken met tuinen, volkstuinen en drinkwaterwingebieden.
Resultaten pilotonderzoeken
Uit de onderzoeken blijkt dat op vrijwel alle locaties PFAS in lage concentraties in de bodem aanwezig is. Bij deze gehalten zijn geen risico’s voor de gezondheid vastgesteld en is verdere actie niet nodig.
Op twee locaties – een transportbedrijf in Alblasserdam en een brandweerkazerne in Zwijndrecht – zijn plaatselijk hogere concentraties PFAS aangetroffen, boven de indicatieve niveaus van ernstige verontreiniging (INEV). Omdat deze verontreinigingen beperkt van omvang zijn en niet in de buurt liggen van kwetsbare objecten, vormen ook deze concentraties geen risico voor de gezondheid.
Naast bodemonderzoek is, waar mogelijk, ook het slootwater onderzocht. Bij één locatie, een sloot bij een brandweerkazerne in Spijkenisse, kan het gebruik van het water voor het besproeien van moestuinen mogelijk een risico opleveren. De gemeente en betrokken bewoners zijn hierover geïnformeerd. Op een andere locatie zijn wisselende PFAS-gehalten in het slootwater gemeten; hier wordt het oppervlaktewater gemonitord. Gemeenten en GGD’s zijn hiervan op de hoogte en informeren gebruikers als dat nodig is.
Hoe nu verder?
De provincie neemt de regie om uiterlijk in 2030 de PFAS-bodemopgave volledig in beeld te brengen. Daarbij wordt de succesvolle methode uit de pilot toegepast: onderzoek in openbaar gebied tussen bron en kwetsbare locatie. Ook wordt extra aandacht besteed aan blusschuimlocaties en oppervlaktewater. De onderzoeken starten dit jaar nog en nemen meerdere jaren in beslag. De resultaten worden, indien dit mogelijk is, jaarlijks bekendgemaakt.
* De inventarisatie is exclusief de gemeenten Leiden, Schiedam, Rotterdam, Den Haag en Dordrecht , deze gemeenten waren zelf bevoegd gezag in het kader van de Wet bodembescherming (Wbb) en zijn dat nog steeds voor Wbb overgangsrecht situaties. Deze gemeenten voeren zelf vergelijkbare inventarisaties uit.